Van Peel antwoordt zeer gedecideerd op de vraag wanneer Antwerpen met het verzoek komt of de vaarroute andermaal kan worden verbeterd. "Niet aan de orde. We hebben wat dat betreft niets in voorbereiding. Dat zeg ik niet om tactische redenen. Dat is gewoon zo. Punt. Zo lang de grootste containerschepen onze haven kunnen bereiken, is er geen reden om over een vierde verdieping te beginnen."
Mochten de ontwikkelingen in de containervaart een volgende aanpassing van de vaargeul wenselijk maken, dan zal Antwerpen daar zonder schroom om vragen. "We zien niet af van onze verdragsrechtelijke aanspraken", klinkt het ineens een tikkeltje formeel. In Vlaanderen blijven ze op het standpunt staan dat het Scheidingsverdrag van 1839 voldoende aanknopingspunten biedt de vaarweg naar Antwerpen te blijven verbeteren als de scheepvaart dat vraagt.
Dat zijn evenwel vormelijkheden waarbij Van Peel niet al te lang wil stilstaan. Hij stelt vast dat de inlandse ligging van Antwerpen, die jarenlang is beschouwd als een handicap ten opzichte van dichter bij zee gelegen havens, steeds meer een pluspunt wordt. "Het klimaatdebat wordt steeds belangrijker. Het gaat nu om de emissie footprint per eenheid product. Dan scheelt het of je gymschoenen, dvd-recorders of laptops die in het Verre Oosten zijn gemaakt, al dan niet tachtig kilometer over de weg moet vervoeren. De situering van Antwerpen begint naast een logistiek voordeel ook een ecologisch voordeel te worden."
De havenschepen is zich ervan bewust dat een nieuw kabinet in Nederland de kwestie van de ontpoldering van de Hertogin Hedwigepolder misschien opnieuw aan de orde stelt. Hij denkt dat Vlaanderen dit niet louter als een Nederlandse aangelegenheid zal afdoen. Van Peel: "We hebben afgesproken dat we bij de Schelde veiligheid, toegankelijkheid en natuurlijkheid in één pakket zouden bezien. Daar kun je niet zo maar iets uitlichten. We gaan de milieubeweging niet in de rug schieten." Dat brengt hem tot de verzuchting dat de Scheldediscussie allerminst voorbeeldig is verlopen. "We waren als overheden en belangenorganisaties aan het praten en we maakten elkaar wijs dat we draagvlak hadden." Van Peel betreurt het dat ondanks de nauwe contacten tussen Nederland en Vlaanderen op het gebied van gezondheidszorg, onderwijs, lekker eten en uitgaan de levensader van de Vlaamse economie steeds weer commotie oproept. "Zo zou het niet moeten zijn, maar wat doen we er aan? Ik begrijp best dat een bijdrage voor de rampenbestrijding dat niet echt veranderen zal. Maar wat dan wel?"



Sorteer reacties
























