De gemeente Veere moet van het ministerie van Vrom optreden tegen veehouderijen die zich niet aan de milieurichtlijnen houden. foto Ruben Oreel
Het ministerie heeft veehouderijen tot 1 april dit jaar de tijd gegeven om maatregelen te nemen, als zij niet voldeden aan de richtlijnen die in 2007 zijn opgesteld. Het college van B en W van Veere heeft deze week besloten het bedrijf op de hoogte te stellen van het voornemen om op te treden.
De Veerse wethouder Jaap Melse geeft aan dat de gemeente wel moet 'handhaven', omdat zij daartoe verplicht wordt door het ministerie. "We hebben nu de ondernemer op de hoogte gesteld van ons voornemen om maatregelen te nemen. Hij heeft dan zes weken de tijd om daarop te reageren."
Als de varkenshouder geen maatregelen neemt, kan zijn milieuvergunning deels ingetrokken worden. Daarnaast kan een dwangsom worden opgelegd voor iedere dag dat het bedrijf in overtreding blijft.
De gemeente telde in juni, bij een bedrijfsbezoek aan de varkenshouderij, ruim 3300 mestvarkens van meer dan 30 kilo in de stallen. Daarmee zit Ovaa met ruim 1300 varkens boven de richtlijnen. De eigenaar van de vleesvarkenshouderij gaf begin dit jaar aan zijn bedrijf te willen verkopen, maar volgens de gemeente hebben gesprekken met potentiële kopers nog niets concreets opgeleverd. Ovaa diende in januari een zienswijze in tegen de handhaving, waarin hij aankondigde zijn bedrijf te willen saneren in het kader van het Experiment Boerenerven. Ook daar heeft de gemeente verder nog niets over vernomen.
Melse maakt overigens duidelijk dat het beleid van de gemeente erop gericht is de intensieve veehouderij in de gemeente 'met maatwerk' te ondersteunen. "We nemen per geval de situatie door. Zo ook bij Ovaa. We gaan in overleg met hem bekijken wat de mogelijkheden voor zijn bedrijf zijn. Misschien ligt sanering voor de hand. Maar het kan ook zo zijn dat hij het aantal varkens op zijn bedrijf terugbrengt."


Sorteer reacties
























