Peter Swanborn schreef de afgelopen weken in Vlissingen poëzie over verdronken Zeeuwen.foto Ruben Oreel
Zie ook:
Het is een verademing geweest. Drie weken lang sloot de Rotterdamse dichter, schrijver en journalist Peter Swanborn zich op in deWillem3 om zich op één ding te kunnen concentreren: het schrijven van Zeeuwse gedichten. ,,Ik heb een fantastische tijd gehad", zegt hij, vlak voor zijn terugkeer. ,,Het werkte erg prettig: geen internet, geen e-mail, geen televisie. Dat monomane spreekt me zeer aan."
Graag ging hij in op de uitnodiging een deel in de Slibreeks te maken. ,,Ze hadden me vorig jaar al eens gepolst. Omdat ik vrij veel met muziektheater doe, leek het me leuk als er ook eens een Slibreeks-deel zou verschijnen met een cd erin. Afgelopen zomer bleek dat ze een dergelijke bundel het liefst al dit najaar wilden hebben. Ik zei: een boekje lukt wel, maar de cd nog niet. Ik verwacht wel dat de cd in 2009 verschijnt."
Het thema van de bundel is verdronken Zeeuwen. ,,F. van Dixhoorn van de Slibreeks zei dat het leuk zou zijn als er een Zeeuws randje aan zit. Ik dacht: laat ik van dat randje maar een Zeeuws hart, een echt Zeeuws verhaal, maken." Een belangrijke inspiratiebron daarbij was het boek Spoon River Anthology van Edgar Lee Masters. ,,Er staan meer dan tweehonderd gedichten in over een begraafplaats. Bij alle grafstenen heeft de dichter een gedicht verzonnen over de gestorvene. Daarin vertellen ze over hun leven en hoe het zo gekomen is."
,,In mijn bundel kijken de doden ook vanuit hun graf terug op hun leven, maar anders dan in de bundel van Masters zijn het allemaal personages die verdronken zijn. Uiteraard tijdens de Ramp van 1953, maar er zitten bijvoorbeeld ook mensen bij die moedwillig het water in zijn gelopen en een meisje dat aan comazuipen doet. Een van de gedichten:
Emiel (72) uit Kortgene
Had het me anders voorgesteld,
veel mensen, gezang, een preek.
Dagenlang kinderen aan bed, vrouwen
een traan, de mannen een borrel.
Zo had ik het gedacht. Geen
perenboom in hard stromend water,
geen striemende kou die voeten verdooft,
geen wind die mij de adem neemt.
Waar zijn ze, die psalmen zingen,
nu slaap mij in de nacht laat glijden.
In deWillem3 creëerde Swanborn tientallen denkbeeldige personen met hun levensverhaal en lot. ,,Elke dag schreef ik twee, drie gedichten. Dat was voor mij een van de grootste uitdagingen, want ik ben juist iemand die heel langzaam schrijft en alles laat bezinken. Die tijd had ik nu niet. Toch borrelde steeds weer iets nieuws op. Dat is gewoon een kwestie van blijven zitten. Uren maken."
Die werkwijze heeft wel gezorgd voor wat andere poëzie. ,,Het is directer, vrij toegankelijk, redelijk anekdotisch. Ik ben iemand die niet alleen maar met de taal bezig is, maar ook een verhaal wil vertellen en betekenis overdragen. Voor mij is het belangrijk dat het gedicht een beeld heeft dat direct overkomt. Als je dat voor elkaar hebt, dan kun je datgene overbrengen wat je écht wil zeggen."
De bundel - 24 gedichten: twaalf over '1953', twaalf over andere vormen van verdrinking - wordt onder de titel Een koud bad op 4 januari in De Drukkerij in Middelburg gepresenteerd. Enkele gedichten worden dan ook gezongen, door bariton Rob van der Meule en een nog nader te bepalen sopraan. In mei 2009 gaat de complete cyclus in première in de Grote Kerk in Veere, in samenwerking met Muziekpodium Zeeland. Daarna wordt ook de cd gemaakt.
,,Het is de bedoeling dat het een liederencyclus van ongeveer een uur wordt", zegt Swanborn. De Middelburgse componist Christian Blaha gaat nu aan de slag om de muziek te schrijven en zijn eigen invulling eraan te geven. ,,Ik heb deze keer niet met refreinen en coupletten gewerkt. Christian heeft de vrijheid om dat wel te doen. Dat is aan hem."



















