Auteur: door Jeffrey Kutterink |
donderdag 02 februari 2012 | 08:07 | Laatst bijgewerkt op:
donderdag 02 februari 2012 | 08:13
Thermphos. archieffoto Willem Mieras
DEN HAAG - Het toezicht op de meest risicovolle bedrijven in Zeeland wordt vanaf volgend jaar belegd bij de Dienst Centraal Milieubeheer Rijnmond (DCMR). Vanaf 1 januari 2013 zullen niet meer de gemeenten, provincie en het waterschap bedrijven controleren of ze zich aan hun milieuvergunning houden.
Voortaan ziet de regionale uitvoeringsdienst (rud) Zeeland erop toe of bedrijven veilig zijn en geen stank en geluidsoverlast veroorzaken. In alle provincies worden zulke diensten opgericht om krachten te bundelen en kennis uit te wisselen, bleek deze week nog eens uit een brief van staatssecretaris Joop Atsma (Milieu) aan de Tweede Kamer. Nu zijn in Zeeland nog - afhankelijk van wie er worden meegeteld - tussen de 60 en 90 mensen betrokken bij het milieutoezicht. Ze zitten verspreid over provincie, gemeenten en waterschap. Beter, deskundiger en efficiënter toezicht moet rampen zoals in Enschede en Moerdijk voorkomen. Tegelijk moet ook geld worden bespaard.
De provincie, gemeenten en waterschap blijven verantwoordelijk voor het afgeven van vergunningen en het geven van boetes, zegt Ad de Lange van de rud-Zeeland. Het toezicht ligt voortaan wel bij de uitvoeringsdienst.
Een uitzondering geldt voor bedrijven met een zware milieuvergunning. Zeeland telt 20 van die BRZO-bedrijven (waaronder Dow en Thermphos). Nu zien provincie Goes en Terneuzen daarop toe. Straks gaat de Milieudienst Rijnmond daarin een rol spelen. Welke precies is nog onderwerp van gesprek. De Lange: "Het is niet de bedoeling dat mensen vanuit Rotterdam toezicht op Zeeuwse bedrijven gaan houden." Wel zal het toezicht onder auspiciën van de DCMR worden georganiseerd.