Op 7 november zocht de Goesenaar contact met zijn Oostdijkse vriend. Het vuurwapen dat hij van hem had gekregen, werkte niet. De Oostdijker kwam en ruilde het vuurwapen om. De vriendin van de Goesenaar vond het maar niets. Ze kreeg ruzie, de Goesenaar bedreigde en sloeg haar en de vrouw rende in paniek de woning uit. Bij de buren belde ze de politie. De Goesenaar raakte eveneens in paniek en vluchtte weg. In Antwerpen werd hij door een arrestatieteam aangehouden. Als gevolg van dat alles deed de politie een doorzoeking in de woning van de Oostdijker en vond daar nog meer wapens, maar ook een hennepkwekerij met 375 planten, een paardentrailer die gestolen bleek te zijn en kentekenplaten. De kentekenplaten hoorden bij een paardenwagen die eveneens was gestolen. Volgens de Oostdijker had hij die platen gevonden. Ook constateerde de politie, en later ook de AID, dat de man beroerd voor zijn dieren zorgde en dat de dieren in een 'zwijnenstal' leefden.
De rechtbank doet uitspraak op 22 februari.














