Elke gezindte had zijn eigen winkeliers

door Carla van de Merbel. zaterdag 23 januari 2010 | 08:05 | Laatst bijgewerkt op: zaterdag 23 januari 2010 | 08:41

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
De Stationsstraat rond 1895. In 1913 begon de familie Le Cointre een brood- en banketzaak in het tweede pand aan de linkerkant. foto Beeldbank Zeeuwse Bibliotheek

De Stationsstraat rond 1895. In 1913 begon de familie Le Cointre een brood- en banketzaak in het tweede pand aan de linkerkant. foto Beeldbank Zeeuwse Bibliotheek

Verlovingsfoto van Ary en Mattie le Cointre-van den Ouden, 1939.

Verlovingsfoto van Ary en Mattie le Cointre-van den Ouden, 1939.

1/2
start playing the slideshow

Al veel vertellers in deze rubriek hebben verhaald over het rijke middenstandsleven in het Middelburg van voor de oorlog. Het stikte van de bakkers, slagers, kruideniers en al die andere zaken. Trouwens tot ver na 1945. Ook Mattie le Cointre-van den Ouden (1921) weet er alles van. Met haar man Ary bestierde ze ruim dertig jaar brood- en banketwinkel Le Cointre in de Stationsstraat, op nummer 5. De ouders van Ary waren hier in 1913 een zaak begonnen. Ary en Mattie zetten deze van 1948 tot 1980 voort. Ze kregen drie dochters en een zoon. Ary is in 2001 overleden.

Wie vroeger een winkel had, moest goed op zijn klanten en medemiddenstanders letten. De verzuiling had haar sporen doorgetrokken tot in de winkelstraten. Neem de bakkers. Mattie le Cointre-van den Ouden herinnert zich alleen al elf gereformeerde bakkers in de stad. Wie katholiek was, kocht daar niet. Die gereformeerde bakkers hadden allemaal hun eigen klanten: uit de kerk en kennissenkring. Voor het gereformeerde rusthuis aan de Branderijmolengang was het moeilijk kiezen uit zoveel bakkers van dezelfde gezindte, blijkt uit het verhaal van Le Cointre. De oplossing bleek simpel: elke bakker mocht één maand per jaar leveren aan het rusthuis.

Wie een winkel had, lette ook goed op waar hij zélf kocht. Zo ging Le Cointre onder anderen naar kruidenier Steenland, naast hen in de Stationsstraat, en Baan in de Winterstraat. ,,Zij kochten brood bij ons, dan moesten we af en toe ook bij hen wat kopen."

Mattie van den Ouden werd op 18 oktober 1921 geboren in de Koningin Julianastraat, een nieuwe straat (gebouwd in 1920), waar toentertijd veel ambtenaren woonden. Haar vader was brigadier van politie. Ze had drie broers. Mattie volgde de christelijke lagere school aan de Herengracht en daarna de ULO.

Ze herinnert zich de crisisjaren dertig nog. ,,Wij hadden het goed, maar overal om je heen zag je de armoede. Ik werd vaak met een pannetje soep ergens naar toe gestuurd door mijn moeder. Veel mensen waren werkloos. Die gingen dan met spullen langs de deur. Moeder kon tegen niemand 'nee' zeggen. Bij iedereen kocht ze wat: Sunlightzeep, lucifers, buisman. In de oorlog hebben we daar nog veel profijt van gehad." Mattie's ouders waren hun hele leven begaan met hen die het minder hadden. Haar vader verongelukte tijdens een hulptransport na de watersnoodramp.

Na haar schooltijd werkte Mattie een paar jaar bij manufacturenwinkel Boasson op de Markt. ,,Bij Mark en James Boasson. Die waren Joods. Na de Kristallnacht in 1938 heb ik nog gecollecteerd voor de Joodse vluchtelingen. Dat werd toen in het hele land gedaan." Aan haar betrekking bij Boasson kwam een einde op 17 mei 1940. Die dag werd de zaak verwoest, zoals een groot deel van het centrum van Middelburg. ,,M'n vader kwam die avond huilend thuis. Z'n stad was kapot. 's Maandags liep ik met de oma van mijn man door de stad. Overal puin en alles smeulde en stonk."

Een paar jaar eerder had ze 'kennis gekregen' aan Ary le Cointre. Hun eerste avond samen uit was op 31 januari 1938, de dag dat prinses Beatrix is geboren. Die avond en de hele week erna was het feest in de stad.

Na de verwoesting van de zaak van Boasson in mei 1940 ging Mattie helpen in de bakkerszaak van haar schoonfamilie. Ook in de oorlog werd brood en banket gebakken, hoe provisorisch dat soms ook moest.

Het gewone leven ging door, maar de oorlog was soms ongenadig aanwezig. Door de etalageruit van de winkel in de Stationsstraat zag Mattie in april 1942 de Middelburgse Joden langskomen die met de trein naar het getto in Amsterdam moesten gaan. ,,Alle Joden moesten weg. Ik heb vanuit de winkel zoveel bekenden voorbij zien gaan. Ook de twee gezinnen Boasson. En de familie Prins, met twee schattige meisjes, die met hun poppen in de arm naar de trein liepen. Dan ben je zo machteloos. Ze zijn nooit teruggekomen."

Het adresregister op www.pzc.nl/ middelburg1940 geeft een mooi beeld van de Middelburgse middenstand in 1940, voor het bombardement. U kunt hierin zoeken op achternaam of op straatnaam. Zo vindt u onder meer onder 'le Cointre', ook de twee tantes van Ary le Cointre, die een hoedenzaak hadden op de Wal. Ook alle andere beroepen van de Middelburgers van toen staan in het adresregister vermeld.

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig


Op de website van de PZC kunt u reageren op forums en artikelen. Zo weet de redactie wat er leeft. Sommige bijdragen worden ook gepubliceerd in de papieren krant. Reacties worden niet automatisch geplaatst.


De redactie behoudt zich het recht voor reacties te weigeren of in te korten. Over het al dan niet plaatsen van reacties wordt niet gecorrespondeerd. Het IP-adres van de afzender van een reactie wordt automatisch opgeslagen in het redactioneel systeem. Het kan worden afgestaan aan derden in het kader van een strafrechtelijk (voor)onderzoek wanneer een groot maatschappelijk belang in het geding is.


Walcheren

De PZC herbouwt het stadscentrum van het Middelburg van 1940 Dossier Fonteyne Dossier Spuikom