Op 17 mei 1940 werd een groot deel van Middelburg verwoest. De serie
Middelburg 1940 en de website op
www.pzc.nl/middelburg1940 laten de stad van toen herleven.
Eigenlijk is er in bijna honderd jaar niets veranderd op de Vismarkt in
Middelburg. Ook de oorlog liet het pleintje achter de Turfkaai ongemoeid. En
toch was álles er anders, vertelt Lies Simonse (1914). Ze bracht haar
kinderjaren door op de Vismarkt: ,,Een fantastisch speelplein, zonder
auto's, want die waren er toen nog niet. Maar er was ook veel armoede. "
Lies Simonse woonde van 1914 tot 1928 op de hoek van de Turfkaai en de
Vismarkt. Haar ouders hadden daar een café. Zo vaak het kon, was ze op de
Vismarkt te vinden, net als de andere kinderen uit de buurt. Ook haar
broertje Jan speelde er. Lies en Jan waren de twee jongsten in het gezin met
negen kinderen. Ze kan zich haar kindertijd op de Vismarkt nog goed
herinneren en levendig vertellen over lampionoptochten, knikkeren, sleetje
rijden en petjebal.
Petjebal? "We legden dan onze mutsen en
petten schuin tegen de muur. Soms lagen er wel tien op een rij. Eén van ons
gooide er dan een balletje naartoe. Degene in wiens pet het kwam, pakte het
balletje en probeerde dat dan weer tegen degene te gooien die het eerst
gegooid had."
Lies Simonse heeft ook warme herinneringen aan
'de man van Karels thee'. "Waar nu koffiehuis Sint
John zit,
in de Sint Janstraat, was toen een kruidenierswinkel. Regelmatig kwam daar
een vertegenwoordiger van Karels thee en koffie om zijn waar te brengen. Die
nam ook altijd van die spaarplaatjes mee. Wij wisten wanneer-ie kwam - dat
hadden we dan gevraagd in de winkel - en wachtten hem op. We zongen dan: 'En
Karels thee gaat nooit verloren!'. De vertegenwoordiger klom op zijn auto en
sloeg de maat. Daarna strooide hij de plaatjes naar beneden. Het was zo'n
leuke man. Ik zou 'm nog uit een hele rij kunnen kiezen."
De
kinderen van de Vismarkt gingen vervolgens op de bank onder de luifel de
dubbele plaatjes ruilen.
"Spelen op de Vismarkt was zo
ontzettend leuk", zegt Simonse, ondanks de armoede die op die plek soms
schrijnend zichtbaar was. ,,Wij hadden het niet arm, maar anderen wel.
Vooral op het Wagenplein woonden verschrikkelijk arme mensen." Ze
vertelt dat op de Vismarkt altijd een vrouw in klederdracht kwam om de
etensresten te halen die anderen bij de lindebomen weggooiden voor de
vogels. ,,Dat vonden we altijd zo zonde voor haar." Maar de Vismarkt
was natuurlijk toen ook nog gewoon vísmarkt. "Er waren geen vaste
tijden dat er vis verkocht werd. Dat werd 's morgens bekendgemaakt door de
omroeper van de visafslag, die met een bel door de buurt ging. 'Hedenavond
om vijf uur vis', riep hij dan. De mensen kwamen dan 's avonds met
zelfgemaakte katoenen zakjes en gingen voor het hek staan. De vis werd met
een auto of op een kar vanuit Arnemuiden of Veere gebracht in grote manden.
In de muur van de visafslag zat een luik en daarin zat de omroeper die de
vis ging veilen. Die riep 'één gulden stil, 95 cent, 90 cent, 85 cent'. Wie
de vis (bijvoorbeeld een kilo) voor die prijs wilde hebben, riep 'míjn' en
gooide het zakje over het hek. De vrouw van de omroeper moest dan kijken wie
het eerst was en die kreeg de vis. De manden met vis gingen altijd leeg."
"Ja, nergens was er zo'n mooie en leuke speelplaats als de Vismarkt"
, verzucht Lies Simonse weer. "En als we een cent kregen, gingen naar
het snoepwinkeltje in de Sint Janstraat. Daar kon je voor één cent acht
dropjes kopen."
Reacties op deze rubriek kunt u sturen naar:
Redactie PZC, Postbus 91, 4330 AB Middelburg. Per e-mail naar:
middelburg1940@pzc.nl.


















