Vlnr: bakker De Koning, een werknemer van de kolenhandel, vader J. van den Berge, vriendin Betsie Huisman, Leni en haar moeder bij de vrachtwagen met kolen voor hun huis. foto L. van Pagee-van den Berge
Het had niet veel gescheeld of Leni van Pagee-Van den Berge was een
Amsterdamse geworden. In 1926, toen ze anderhalf jaar was, verhuisde ze met
haar vader en moeder van Middelburg naar de hoofdstad. Haar vader werkte bij
Fokker in Veere en ging voor dezelfde firma in Amsterdam werken. Hij hoopte
op promotie, maar helaas, dat ging niet door.
Zie ook:
"We keerden terug naar Middelburg. Mijn vader ging bij mijn opa's
kolenhandel aan de Beenhouwerssingel werken. Ik ging naar de tweede klas van
de school aan de Nederstraat. Eerst woonden we in de Spuistraat, maar nadat
mijn grootouders naar de Zandstraat waren verhuisd, gingen wij in hun huis
op de hoek van de Beenhouwerssingel en de Roosterstraat wonen. In de
Roosterstraat waren de pakhuizen. Er stonden maar twee woonhuizen, op het
eind bij de Geere. In één van de huizen woonde nog een oud vrouwtje.
"
In naam bestaan de Roosterstraat en de Beenhouwerssingel nog,
maar het stukje Middelburg van Leni's jeugdjaren is er niet meer. Niet
vanwege het bombardement, maar door stadsvernieuwingsplannen in de jaren
zeventig. Het buurtje ging tegen de vlakte en maakte plaats voor winkels,
appartementen en een parkeergarage.
Ze laat een foto zien van een
groepje bij de met kolenzakken beladen vrachtwagen van haar vader.
Haar vader, J. van den Berge, was in de vooroorlogse jaren één van de
kolenhandelaren in de stad. De kolen werden eerst met paard en wagen
rondgebracht. "We hadden twee paarden. Later werd een vrachtwagen
aangeschaft." Lenie had als tiener ook een taak in de zaak. "Door
elke maand een bedrag vooruit te betalen, spaarden klanten voor de winter.
Ik ging bij de mensen langs om dat geld op te halen. Dat werd dan in een
boekje opgeschreven."
Ze trouwde in 1942 met Adrie van Pagee.
Ze had hem leren kennen op de ijsbaan in 1940. Na de spannende oorlogsjaren
betrok het echtpaar de benedenverdieping van een pandje aan de Dam,
tegenover het beeld van koningin Emma. "Naast de winkel van De Ruijter.
Op het hoekje van de Dam en de Korte Delft zat Van der Mijle. Dat was dé
bakker van Middelburg, een hele luxe bakkerij."
Het huis aan
de Dam staat er niet meer. Het huizenblok moest in 1969 wijken voor het
Damplein, maar toen woonde het gezin er al lang niet meer. Haar man wilde
graag in de fotografie. In de oorlog leerde hij het vak bij Verschoore in
Goes. Na de oorlog konden ze de zaak overnemen van fotograaf Helder. Die had
een noodwinkel betrokken aan de kaai, want zijn zaak aan de Lange Delft was
bij het bombardement verloren gegaan. Leni en Adrie openden in 1949 een
fotozaak aan de herbouwde Lange Delft. "Toevallig op de plek waar een
café-restaurant had gestaan. Mijn andere opa was daar kelner geweest. Dat
restaurant werd druk bezocht door handelaren. Die stalden daar hun waren uit.
"
Mevrouw Van Pagee wijst op een oude luchtfoto de panden op
de Markt zo aan. "Kijk daar zat tandarts Blaauw. Gek toch, dat je dat
allemaal nog weet na al die jaren."

















