Staten akkoord met getijdennatuur
MIDDELBURG - De overgrote meerderheid van Provinciale Staten stemt in met de aanleg van driehonderd hectare getijdennatuur in het middendeel van de Westerschelde.
Het gaat om zoute gebieden tussen Breskens en Groede (Waterdunen), bij Perkpolder en in Braakman-Noord.
Daarnaast steunen de Staten onderzoek naar buitendijkse versterking van de natuur in de rivier: verdiepen van hoofdgeulen Saeftinge, aanleg strekdammen en kleistort voor schorontwikkeling. Alleen de Partij voor Zeeland (twee zetels) is tegen iedere vorm van binnendijkse zoute natuur.
Gedeputeerde Frans Hamelink (CU, natuur en water) kreeg gisteren in de Statencommissie Ruimte, Ecologie en Water groen licht om de plannen uit te werken. Wel beklemtoonden de meeste woordvoerders dat vrijwillige grondverwerving uitgangspunt moet zijn, ook al staat de Rijksprojectenprocedure met mogelijkheid van onteigenen als stok achter de deur. CDA'er Ad Lijmbach merkte op dat in die procedure ook 'goede zaken' zitten die kunnen bijdragen aan tijdige uitvoering van de plannen (die vóór 2010 moeten beginnen).
De meerderheid van de commissie hamerde erop dat de provincie verantwoordelijk moet blijven voor de natuuraanleg in het middendeel. 'Den Haag' moet zich daar niet mee bemoeien, evenmin als de commissie van onafhankelijke deskundigen die zoekt naar alternatieven voor gedwongen ontpoldering van de Hedwigepolder bij Saeftinge en een stukje Zwin.
"Den Haag mag niet via de commissie in het middengebied nog eens andere gebieden gaan zoeken", zei Goos Roeland (SGP). Dat gebeurt niet, verzekerde Hamelink, 'alleen als er ideeën komen die positieve invloed hebben op onze plannen.'
Gabriëlle van Dinteren (GL) pleitte ervoor in het plan voor Braakman-Noord naast natuur ook veiligheid en economie een plek te geven, zoals al met Waterdunen en Perkpolder gebeurt.
De commissie (op de PvZ na) ging ermee akkoord dat de Deltaraad een toekomstvisie opstelt voor álle deltawateren. Daaruit moet onder meer blijken of op de lange termijn meer grond nodig is voor natuurherstel. Ook veiligheid en economie worden meegenomen.
Daarnaast steunen de Staten onderzoek naar buitendijkse versterking van de natuur in de rivier: verdiepen van hoofdgeulen Saeftinge, aanleg strekdammen en kleistort voor schorontwikkeling. Alleen de Partij voor Zeeland (twee zetels) is tegen iedere vorm van binnendijkse zoute natuur.
Gedeputeerde Frans Hamelink (CU, natuur en water) kreeg gisteren in de Statencommissie Ruimte, Ecologie en Water groen licht om de plannen uit te werken. Wel beklemtoonden de meeste woordvoerders dat vrijwillige grondverwerving uitgangspunt moet zijn, ook al staat de Rijksprojectenprocedure met mogelijkheid van onteigenen als stok achter de deur. CDA'er Ad Lijmbach merkte op dat in die procedure ook 'goede zaken' zitten die kunnen bijdragen aan tijdige uitvoering van de plannen (die vóór 2010 moeten beginnen).
De meerderheid van de commissie hamerde erop dat de provincie verantwoordelijk moet blijven voor de natuuraanleg in het middendeel. 'Den Haag' moet zich daar niet mee bemoeien, evenmin als de commissie van onafhankelijke deskundigen die zoekt naar alternatieven voor gedwongen ontpoldering van de Hedwigepolder bij Saeftinge en een stukje Zwin.
"Den Haag mag niet via de commissie in het middengebied nog eens andere gebieden gaan zoeken", zei Goos Roeland (SGP). Dat gebeurt niet, verzekerde Hamelink, 'alleen als er ideeën komen die positieve invloed hebben op onze plannen.'
Gabriëlle van Dinteren (GL) pleitte ervoor in het plan voor Braakman-Noord naast natuur ook veiligheid en economie een plek te geven, zoals al met Waterdunen en Perkpolder gebeurt.
De commissie (op de PvZ na) ging ermee akkoord dat de Deltaraad een toekomstvisie opstelt voor álle deltawateren. Daaruit moet onder meer blijken of op de lange termijn meer grond nodig is voor natuurherstel. Ook veiligheid en economie worden meegenomen.