Het waterschap heeft dijkbewaking (fase2) ingesteld rond de Oosterschelde. De kering wordt in dit stadium niet gesloten. ANP Photo
Tocardo-directeur Hans van Breugel ziet grote mogelijkheden voor het opwekken van getijdenenergie in de monding van de Oosterschelde. Hij wil ook snel aan de slag. Volgend jaar zomer moeten zes onderwatermolens in de kering worden geplaatst. Het gaat om een type onderwatermolen dat Tocardo eerder heeft beproefd in de Afsluitdijk. De molen ziet eruit als een gewone windmolen met twee bladen.
Het andere bedrijf dat belangstelling heeft voor de kering, Ecofys, is nog niet zover als Tocardo. Ecofys heeft een nieuwe getijdencentrale ontwikkeld, die energie kan opwekken uit zowel getijstroming als golfbeweging. Een proefopstelling van deze getijdencentrale is onlangs geplaatst aan de Total-steiger in de Westerschelde bij Borssele. Die wordt het komende jaar getest.
Van Breugel is al bezig met een vergunning voor het plaatsen van zijn molens. Rijkswaterstaat Zeeland staat er welwillend tegenover. De hoofdvraag is welk effect de molens hebben op de doorlaatbaarheid van de kering. Het is voor de Oosterschelde belangrijk dat zoveel mogelijk water blijft in- en uitstromen.
Het bedrijf Ecofys heeft dit in 2000 onderzocht voor de provincie. Een conclusie was: 'energieopwekking uit getijdenstroming op grote schaal is strijdig met het beleidsplan Oosterschelde'. Ecofys zag wel kansen voor kleinschalige energieopwekking. "De overheid moet het dan ook financieel mogelijk maken getijdenenergie te ontwikkelen", stelt Peter Scheijgrond van Ecofys. Het ministerie van EZ wil 'slechts' 12,5 eurocent vergoeden per kilowattuur opgewekte getijdenstroom. De sector vraagt 37 eurocent, omdat getijdenenergie (nog) hoge ontwikkelingkosten vergt. De proef bij Borssele krijgt geen vervolg, als een betere regeling uitblijft, zegt Scheijgrond. Van Breugel hoopt op investeringssubsidies voor zijn molens in de kering.


Sorteer reacties











