Home / Regio / Bevelanden / Klanten eten graag traditionele kost

Klanten eten graag traditionele kost

  • Reageer
  • U kunt deze pagina printen door gebruik te maken van de standaard print mogelijkheden in uw browser.

GOES - De voorbereidingen beginnen al om zeven uur 's ochtends. Dan staan de koks van zorgcentrum Randhof in Goes achter de fornuizen. Ze koken niet alleen voor de bewoners van het centrum, maar ook om de ouderen in de omgeving rond het middaguur een warme maaltijd te kunnen bezorgen, zoals ze dat van huis uit gewend zijn. Tafeltje-Dek-je viert het vijftig jarig jubileum.
Vandaag bestaat het menu uit boerenomelet, slavink, pompoen- of kippensoep, aardappelpuree of spruitjesstamppot met vleesjus of botersaus. Om half elf liggen de slavinken al in de warmhoudbakken bij de lopende band, waar straks de maaltijden worden ingepakt. De spruiten stomen gaar in de oven. Kok Olaf Kok roerbakt de groenten voor de boerenomelet op een grote, diepe plaat. Zijn collega Erik de Witte roert in de grote pannen met een enorme pollepel. "Vanavond hoef ik niet meer naar de sportschool", zegt hij schertsend.

De koks proberen naar de smaak van hun klanten te koken. Dat is voornamelijk traditionele kost. Ze hebben zelfs een tachtig jaar oud kookboek op de kop getikt, het Kookboek van de Amsterdamsche huishoudschool. Daaruit halen ze ideeën voor recepten, zoals voor het stamppottenbuffet in het kader van de themamaaltijden, die ze eens in de zoveel tijd maken.

Rond elf uur druppelen de eerste chauffeurs binnen in de centrale hal van Randhof. Ze drinken een bakje koffie of eten alvast een kommetje soep uit de keuken. Ze nemen de lijsten door van hun ronde en maken een babbeltje met elkaar. Even is er paniek; een van de vrijwilligers komt niet opdagen. Die blijkt door zijn rug te zijn gegaan. Chauffeur en coördinator Jan Houberg pleegt vlug een aantal telefoontjes en komt even later terug, met een lach. Hij heeft vervanging gevonden.

De chauffeurs van Tafeltje-Dek-je zijn niet louter bezorgers. Voor sommige ouderen zijn ze de enige persoon die ze die dag spreken. Niet dat ze lang kunnen blijven, want de andere klanten wachten ook en de maaltijden blijven niet eeuwig warm.

Ze maken soms schrijnende gevallen mee. Houberg belde een keer aan in Kloetinge, maar er werd niet opengedaan. Hij kijkt eens door het raam en ziet de man daar liggen. "Dan schrik je wel enorm", zegt hij.

Er zijn ook kleine ergernissen. "Op de Van der Goeskade kun je meestal niet parkeren. Dus sta je al gauw met knipperende lichten op straat. Maar omdat het er smal is, krijg je veel kwade blikken", zegt chauffeur Niek Wijten. "Of je rijdt door de Magdalenastraat, waar we een ontheffing voor hebben, stopt er een busje voor je van de bakker en de chauffeur begint te lossen of te laden. Daar sta je dan met je warme maaltijden en je kunt geen kant meer op, want natuurlijk is er net een auto achter je komen rijden."

Om half twaalf is het een en al bedrijvigheid in de keuken. De maaltijden worden opgeschept, op de lopende band gezet en verdeeld. De chauffeurs rijden weg, de auto volgeladen met dozen maaltijden. Ieder naar zijn of haar eigen wijk waar hun klanten rekenen op hun komst, elke dag weer.