article
1.6529967
Kunt u de bavette aanwijzen, of de procureur? De longhaas, diamanthaas: het is vlees dat veel mensen niet meer eten of zelfs niet kennen. Het VleeschVentje stookt de grillplaat op om deze onbeminde vleesjes te laten stralen.
Recensie: Het VleeschVentje, beestachtig lekker
Kunt u de bavette aanwijzen, of de procureur? De longhaas, diamanthaas: het is vlees dat veel mensen niet meer eten of zelfs niet kennen. Het VleeschVentje stookt de grillplaat op om deze onbeminde vleesjes te laten stralen.
http://www.pzc.nl/extra/uit-eten/recensie-het-vleeschventje-beestachtig-lekker-1.6529967
2016-10-15T10:00:00+0000
http://www.pzc.nl/polopoly_fs/1.6529969.1476448930!image/image-6529969.JPG
Horeca,VleeschVentje,Uit Eten,hermes,Vlissingen
Uit eten
Home / Extra / Uit eten / Recensie: Het VleeschVentje, beestachtig lekker

Recensie: Het VleeschVentje, beestachtig lekker

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Beschrijving
      Restaurant Het VleeschVentje in Vlissingen promoot goed vlees, ook de onderdelen die we niet meer eten en zelfs niet meer kennen.
      Fotograaf
    Kunt u de bavette aanwijzen, of de procureur? De longhaas, diamanthaas: het is vlees dat veel mensen niet meer eten of zelfs niet kennen. Het VleeschVentje stookt de grillplaat op om deze onbeminde vleesjes te laten stralen.

    Soms krijg je dineertips op onverwachte plekken. Zoals laatst, liggend op de behandelbank bij de osteopaat. Die was met zijn vriendenclub gaan eten bij het nieuwe VleeschVentje: bier, vlees van slagerij Heersma uit Oostkapelle, verder geen poespas. Een osteopaat lijkt mij wel iemand die een topstukje vlees kan herkennen, met soepele weefsels en een mooie vet-spier verhouding. Dus nam ik mijn schoonzus mee naar de voor Vlissingse begrippen zeer pittoreske Oude Markt. Het VleeschVentje zit naast het Broadmisje, dat 100% Zeeuwse delicatessen verkoopt. De twee zaken worden gerund door Marije Temmerman en Jean-Pierre Hack en die combi is mooi en handig, niet alleen voor het assortiment: bij het VleeschVentje zit het toilet boven, bij 't Broadmisje kun je gewoon op de begane grond. Fijn voor mindervaliden dus.

    Missie

    De ouderwetsche spelling verwijst naar de missie van het VleeschVentje: echt goed vlees promoten, ook de onderdelen die we niet meer eten of zelfs helemaal niet meer kennen. Longhaas, zijlende, staartstuk: je moet al geluk hebben bij je lokale slager en je vindt het al helemaal niet onder een cellofaantje in de supermarkt. Ik ben een soort flexitariër, maar kan me zeker vinden in de neus-tot-staart filosofie: gebruik zoveel mogelijk, van lokale goed behandelde dieren. Soms moet je alleen net weten wat er allemaal kan, en hoe je het klaar moet maken.

    Binnen hadden we een carnivore machobedoeling verwacht, met bebaarde mannen die zich een weg eten door hele varkens en gemarineerde ribbenkasten. De realiteit blijkt totaal anders: soulmuziek klinkt en damesgroepjes zitten lekker te borrelen met planken charcuterie, piccalilly en olijfjes. De inrichting is vrij spartaans, met kale donkerbruine tafels en bestek in een conservenblik. Dit is dan ook een bistrobar. Voedingsmiddelen zijn ingezet als decoratie: langs de ene wand potjes paté, aan de andere kant flessen bier. Aan de muur hangen schilderijtjes van koe en varken, maar dan afgebeeld als schematisch slagersdiagram. Mijn schoonzus vindt de meeste restaurantstoelen een marteling, maar deze zijn recht en goed.

    Bieradvies

    Eigenaresse Marije ontvangt ons hartelijk en loodst ons door het menu, even later neemt serveerster Demi het net zo vriendelijk van haar over. Omdat er op de kaart geen wijnen genoemd staan vragen we om bieradvies: we drinken het bruine Brasserie LeFort, fruitig met een beetje chocola. En de zware Quadrupel van La Trappe, waarvan het karamelsmaakje vast goed past bij de grillkorst van het vlees. Maar eerst gaan we voor rauw: steak tartare, dat durf ik hier wel aan. Op een plank verschijnt een mooi rondje ongegaard rundvlees met in het midden een rauw kwarteleitje. De bief is niet helemaal platgemalen en dus nog interessant van structuur. Het vlees aangemaakt met smaakmakers in zoet en vooral zuur, zoals augurkjes, kappertjes, ansjovis, worcestershiresaus (woestersaus) en een vleugje tabasco. Met wat ei kun je het vlees nog romiger en smeuiger maken. De carpaccio is niet dat geijkte bord met rode, doorschijnende flapjes, maar een bord vol roze vlees: gerookte Zeeuwse kogelbiefstuk met mayonaise, pijnboompitjes en oude kaas van boerderij Schellach. Bovenop een toefje salade die we bij de volgende gang ook in een kommetje krijgen: komkommer, tomaat, ijsbergsla. Dat smaakt naar meer!

    Vleeschdegustatie

    Omdat we slecht kunnen kiezen gaan we voor de 'vleeschdegustatie' voor twee, zodat we drie verschillende stukken kunnen proeven. We hebben wel even discussie over de garing: ik hou van rood, schoonzus van medium, we maken er medium rare van. Maar wat doet het VleeschVentje als mensen hun mooie stukje vlees per sé doorbakken willen hebben? Dan gaat eigenaresse Marije even zelf naar de tafel om te vertellen over de bereiding. Eerst de grillplaat, dan de oven, om de juiste kerntemperatuur te bereiken. Daarna rusten onder een lamp. En dat het dan mals én warm is dat blijkt. Een fors stuk longhaas, de Fransen noemen 'm onglet: een stukje middenrif eigenlijk, smeltzacht vlees met een mooie donkere korst. En sucade in plakken, voor ons een verrassing: geen stoofpotje maar kort gebakken, mals vlees met veel karakter. We vechten om die ene spies met boterzachte bavette, eigenlijk best onhandig bij een proeverij voor twee: zo ontzettend mals en smaakvol. En dat zonder marinade, alleen zout en peper. Provencaalse warme groenten met spekjes, intense bruine roquefortsaus: ook de aankleding is prima. Krieltjes in de schil hebben een strooisel van gedroogde kruiden, zonder stoffig te zijn in je mond. Er blijft wat vlees over maar we kunnen er toch niet vanaf blijven: ook koud is het nog steeds een mals en smaakvol feestje.

    Hoewel er twee dessertkaarten zijn hebben we toch iets te mopperen: de combinaties zijn raar. Crème brulee, bolus-ijs en perenchutney bijvoorbeeld. De brulee knarst doordat de suikerkorrels niet goed zijn gebrand, best jammer omdat de custard romig is en niet te zoet. Het bolusijs knerpt ook, door waterige ijskristallen. De perenchutney past nergens bij maar die vinden we wel top, kruidig, hartig, pittig. Op mijn limoensorbetijs zit slagroom, de bolletjes drijven in kriekbier. Dat laatste is wel een vondst eigenlijk, maar niet bij limoen. Marije vertelt dat ze graag de koeling willen uitbreiden, zodat ze zelf desserts kunnen gaan maken. Ook een catch of the day komt op de kaart. Sympathiek, zeker maar dat vleesch is eigenlijk genoeg: carnivoren, rept u.

    Het VleeschVentje

    Bistrobar waar het vleesch smeltzacht is.