Export

Afbeelding

De lekkerste pizza ooit, at ik in Hurricane, Utah. Zo groot als een autoband, van een Europese auto weliswaar.

Ik blééf ervan eten. Het enige overgebleven stuk liet ik inpakken om er later nog van te genieten. Het bleef per ongeluk in de koelkast liggen na ons vertrek de volgende ochtend. Ik had het er voor over gehad om er weer voor terug te rijden maar ik zat niet aan het stuur, helaas.

Amerika heeft de naam van culinair ontwikkelingsgebied waar ze alle gebreken compenseren met een berg frietjes.

Tot nu toe herken ik hier het beeld niet. Zelfs het zo verfoeide fastfood is hier stukken beter. De smerigste hamburger die ik hier at was er een van McDonald's. Die van collegaketen Wendy's was al een stuk beter en voor de handgemaakte hamburgers die we in menig restaurant aten, zou ik in Nederland omrijden.

Bij mijn pizza in Hurricane dronk ik een pils dat ik ook niet van de Amerikanen verwacht zou hebben. In Gunnison, Colorado werd het heerlijkste bier van een plaatselijke brouwerij geschonken. Het enige Amerikaanse bier dat ik daarvóór kende was Budweiser, het Heineken van Amerika: niet echt vies maar in vergelijking met de betere trappistenbieren een laf, flauw dorstlessertje.

Het begrip export heeft voor mij een andere betekenis gekregen. Ik meende altijd dat het een soort van kwaliteitsstempel was. 'Zo goed, dat we het ver over de grenzen verkopen', of zoiets.

De werkelijkheid is anders.

We slijten alleen de grootste rotzooi aan het buitenland. Wij exporteren Heineken, van de Amerikanen krijgen we alleen de meest inferieure producten terug, McDonald's, Domino's Pizza en Budweiser-bier. Het beste houden wij voor onszelf en de Amerikanen denken er hetzelfde over.

Nooit geweten dat dát exportkwaliteit is. Dat het de spullen zijn waar een land vanaf wil.

Ik zal er voortaan beter op letten.

© Provinciale Zeeuwse Courant, op dit artikel rust copyright.