Hans Warren in zijn huis aan het Pykesweegje bij Goes, gefotografeerd op 19 augustus 1996. foto Wim Helm
‘Je dierbare bezittingen, waar ze heen gaan, je weet het niet. Zal iemand ze
ooit nog zo liefhebben?’ Hans Warren verzamelde niet-westerse kunst. Het
Zeeuws Museum in Middelburg toont een deel van zijn collectie.
In de dagboeken wemelt het van de liefdesverklaringen.
Aanvankelijk zijn ze gericht aan jonge heren. Naarmate de tijd voortschrijdt
kan de schrijver alleen nog maar dromen van die strakke lijven. Het is, als
je de eerdere dagboekdelen in herinnering roept, alsof Hans Warren zijn
liefde beetje bij beetje richting kunst verplaatst. Hij vat een diepe
genegenheid op voor niet-westerse beelden en maskers, hij wordt een echte
verzamelaar, maar dan wel één van het emotionele soort.
Zo typeert Caroline van Santen van het Zeeuws Museum hem in elk geval. Zij
stelde de expositie samen met ongeveer 125 beelden, afkomstig uit vooral
West-Afrika, Indonesië, China, Thailand en Birma - tegenwoordig Myanmar.
,,Je ziet de passie, omdat hij juist geen afgewogen verzameling opbouwde.
Meestal richten verzamelaars zich op een bepaalde cultuur of een bepaald
land. Warren niet. Als je een algemene noemer zoekt, dan zou je kunnen
zeggen dat alle beelden een zekere strakheid hebben: strakke vormen, strakke
lijnen, en vaak kijken ze op een bepaalde, bijna betoverende manier. Daaraan
zie je dat Hans Warren puur op schoonheid verzamelde en kocht.''
Wat haar verder opvalt is dat Warren niet van reizen hield. De meeste
collectioneurs zijn gepassioneerde globetrotters, die niet kunnen wachten om
naar het land van hun verzamelwoede af te reizen. De Zeeuwse dichter
daarentegen zat liever thuis aan het Pykesweegje bij Goes, omringd door zijn
boeddha's en tovenaars. Hij deed zijn vondsten vooral op veilingen en in
galeries in Nederland.
Adriaan van Dis was bevriend met Warren en
beschrijft in de catalogus die bij de expositie verschijnt, hoe de dichter
en zijn vriend Mario Molegraaf in hun arbeidershuisje bivakkeerden. ,,De
heren leefden en werkten met hun kunst. Op Hans' schrijftafel hielden
minstens drie beelden de wacht, en er lagen muntjes naast zijn schrift,
waaronder zijn favoriete 'Julianus de afvallige'. (...) Elk voorwerp had een
naam en een geschiedenis. Tijdens een rondgang langs de schatten vlogen
jaartallen en feiten je om de oren. Bij een boeddha ging het om zijn lach,
zijn kin, of de stand van zijn hand - niet om de mensen die ergens verweg
met Boeddha leefden. Een masker uit Indonesië werd in detail ontleed, maar
de dragers achter het masker speelden geen rol - tenzij het vermaarde
verzamelaars waren.''
In het dagboek over de jaren 1998-2000, dat
volgende week in Middelburg wordt gepresenteerd, is de kunst steeds
dichtbij. Op 18 september 1999: 'Vandaag is het negen jaar geleden dat het
Thaise beeldje van moeder en kind hier op wonderbaarlijke wijze uit Mons
arriveerde. Ik ben erop gesteld, M. vindt het een horreurtje. Maar ik hoop
dat hij het later met respect zal behandelen, het een plaatsje, een toekomst
zal bezorgen.'
Die wens is in elk geval uitgekomen. Molegraaf leeft
nog steeds in de verzameling. Geheim Dagboek, deel 21, 12 augustus 1999: 'Al
die mooie dingen, vrij en warm in de zon, geen vitrine eromheen, zo aan te
raken, levend, wat een weelde. Later, misschien na mij, na M., komen die
voorwerpen in vitrines, ze zullen waarschijnlijk nog wel worden bekeken maar
niet meer worden liefgehad.'
Expositie: Verre werelden - De
verzameling van Hans Warren - van 26 sept. t/m 31 jan. 2010 in het Zeeuws
Museum in Middelburg. Catalogus: € 22,50.













