De koelkast
En als de koelkast zoemt, dan hoor ik het.
Als ik het niet hoor, zoemt de koelkast niet.
Als ik denk aan de koelkast die zoemt, dan hoor ik hem,
Zelfs al is er een stroom storing.
Is er een stroom stroring en hoor ik de koelkast niet zoemen,
dan hoor ik de koelkast zoemen omdat ik hem niet hoor zoemen.
Hoor ik de koelkast niet, denk ik niet aan de koelkast en weet ik niet van het bestaan van zoemende koelkasten af.
Toch zoemt er een koelkast,
Onomstoten, monotoon
En hemels wit.
Wat kan
voor hetzelfde geld word je wakker
en groeit er een boom
van elektriciteitsdraden uit je schedel
een woordenboom
een boom die je gedachten heeft overgenomen
en geautomatiseerd informatie bij je naar binnenbrengt
dat hij met zijn lange
gluiperige tentakelantennes
woorden, beelden
het geluid van schreeuwende kinderen opvangt
en je ermee vult
je ermee volpropt
en de enige eigen gedachte die je over houdt is
WAAROM
en dat je wordt ingeplugd in woordenboeken
en dat gedurende de dag, woorden als
regulariseren, impulsaankoop of kapitaalsoverdrachtbelasting
in je hoofd op-poppen
en je de neiging niet kunt weerstaan ze hardop uit te spreken
dat mensen je vreemd aankijken als je in de bus zit
de gekleurde draadtakken tegen het plafond doorbuigen
je uit het raam kijkt en hardop scandeert
onbaatzuchtigheid, onbedrevenheid, onbedachtzaamheid
en het enige moment waarop niemand er iets van merkt
is wanneer je in een laag café gedichten voorleest
waar ze doen alsof ze je begrijpen
en denken dat je een vreemde hoed hebt opgedaan
maar voor hetzelfde geld
word je wakker en
groeit er geen boom
van elektriciteitsdradendraden uit je schedel
misschien word je wakker
en gaat de tijd half zo snel
of is de zwaartekracht naar opzij
of de wereld in spiegelbeeld
en als ik zou mogen kiezen
dan zou ik lilliputter zijn
Spul
ik lig verlamd
ik lig tussen spul
spul met de structuur van speelgoed
dekens, wolken, zwembaden vol
het wordt steeds hoger, stapelt zich
bouwt torens die zonlicht versperren
ik zak weg, dieper en dieper
en het spul is boos op mij
begint heftige vormen aan te nemen
buigt zich over mij heen
en chaos van spul vult mij op
alleen nog maar ondefinieerbaar spul
schichtig, fluorescerend spul
en voorzichtig wordt ik opgetild
stopt de wervelwind
stopt het zinken
stopt het denken
start het weten
dat ik het was
ik zelf
een boze heftige vormloze ik


Sorteer reacties
















