Dichteres Sandra Burgers, hier bij de Slikken van Rammekens, voelt zich volkomen op haar plaats in Zeeland, waar eb en vloed zoveel invloed op het landschap hebben. foto Lex de Meester
"Die titel slaat op Zeeland", zegt Burgers. In het gelijknamig gedicht schetst zij een beeld van 'land, dat ontdooit door de brakke onderstroom, die voortdurend schuurt over inwendige slikken en platen'. Zij trekt de vergelijking met de souplesse van een octopus en zijn ongewerveld lichaam dat zich voegt in elke holte en spleet.
"Dat vind ik zo typisch Zeeland, het land dat zich voegt naar eb en vloed. Ik houd daarvan, ik ga zomaar niet weg uit deze provincie."
Ook met gedichten als Het zingende slik, Zoutleider West, Frrr, frrr, frrr... en Domburg dwaalt brengt Burgers ode aan het Zeeuwse.
Dagelijkse dingen bieden haar veel inspiratie. "Het lukt me beter daar woorden bij te vinden dan bij grootse dingen als bijvoorbeeld 'De Liefde'.
In een van de gedichten in deze bundel verklaart ze dat 'wiegklappende woorden' haar ontbreken. Wiegklappende woorden? "Woorden die wel in je mond zitten, maar er niet uitkomen. Ik vergelijk dat met een vlinder die fladderend omhoog probeert te komen", licht Burgers toe.
Het creëren van eigen beeldende woorden blijkt haar overigens juist goed af te gaan. Zo 'mousseert' haar haar, terwijl zij zwemt en steken haar 'borstenbootjes' met 'twee stormpriempjes' vooruit. Met een woord als 'vriesgaren' weet ze ook treffend de aanblik van de stad getooid met ochtendrijp te schetsen.
Haar oog voor 'het kleine' levert poëtische tafereeltjes op van kleurrijk wasgoed aan de lijn of van te kwistig gestrooide hagelslag.
"Een gedicht overkomt me vaak, het valt over me heen. Ik houd er niet van om er heel lang aan te zitten sleutelen", zegt Burgers. Dat komt het eindresultaat niet ten goede, weet zij inmiddels uit ervaring. In de debuutbundel biedt Boog een mooi voorbeeld van zo'n gedicht dat haar is overkomen.
"Ik kwam de Vlaketunnel uit, het had net geregend en er stond een regenboog, van onder de band van een vrachtauto spatte het water hoog op en ik reed door al die fijne druppeltjes heen. Toen kwam de omschrijving 'verongelukte regenboog' bij mij opborrelen. Dan weet ik al dat die woorden de clou van mijn gedicht gaan worden, dus begin ik in feite aan het einde", licht ze toe.
Burgers is blij dat haar debuutbundel er nu eindelijk ligt. "Eerlijk gezegd sprongen de tranen in mijn ogen toen Henk van Zuiden van Uitgeverij Holland mij belde en zei met mij in zee te willen. Uit het typoscript met ruim 60 gedichten, heeft hij er 27 gekozen. Met die selectie ben ik het helemaal eens. Het meeste is recent werk, in elk geval van de laatste twee jaar."
Holland geeft de bundel uit binnen de zogeheten Windroosserie voor aankomend schrijftalent.
Al sinds jonge leeftijd schrijft zij gedichten en ze won daar ook diverse prijzen mee. De aanmoediging later van Jasper Zuidvliet, haar collega bij het RCPZ stimuleerde haar ermee door te gaan.
Een aardige erkenning was de Poëziesalonprijs van de Bibliotheek Vlissingen in 2004. Het betrof een gedeelde prijs. Annemarie de Quartel maakte een schilderij en Burgers schreef daar een passend gedicht bij. Die combinatie van poëtische tekst bij beeld trekt haar zeer. Samen met de nieuwe geliefde in haar leven, fotograaf Jan van den Berg, tekende zij in dit kader kortgeleden voor een presentatie in een van de gaststudio's bij kunstenaarscentrum de Willem3 in Vlissingen. "Op die weg willen wij zeker samen doorgaan", zegt Burgers. Zij levert ook werk voor verschillende literaire tijdschriften, zoals Krakatau, Ballustrada, De Brakke Hond, Lava, Meander en Opspraak. Verder schrijf zij op freelance basis in opdracht creatieve teksten, zowel in proza als poëzie.
Poëziebundel, Uitg. Holland, €5,95, ISBN: 9789025110727.
Niet beschikbaar!

















