JAKARTA - Vanuit zijn rijdende keuken verkoopt Icuk Permadi voor een groot kantoorgebouw in Jakarta al vijf jaar nasi en mie goreng. Daarmee verdient hij net genoeg om zijn gezin te voorzien van rijst, scholing en onderdak. Aan zijn handel dreigt volgende maand een eind te komen als de hoofdstad van Indonesië doorgaat met een verbod op straatkraampjes, prostituees, bedelaars en straatmuzikanten.
Het is een van de vele maatregelen die juist de allerarmsten in Indonesië treffen. Na de overstroming van februari dit jaar worden veel armen uit hun krotten in rivierbeddingen gezet. Een preventieve maatregel. Daarnaast heeft de regering de subsidie op kerosine, waar veel mensen op koken, drastisch verminderd.
Voor Permadi is het besluit van de stadsraad om hem van de straat te weren 'rampzalig'. Met een werkloosheidscijfer van tien procent, liggen de banen niet voor het oprapen. "Ik zou niet weten wat ik moet als de wet wordt uitgevoerd. Dit is het enige wat ik kan", vertelt hij terwijl hij behendig groenten boven de wok versnijdt. Hij heeft met zijn collega-verkopers al een vluchtroute uitgestippeld voor als beambten hem willen arresteren. Want een ding staat vast: hij stopt niet met koken op straat.
De wet moet Jakarta een schonere aanblik geven, geen gemakkelijke opgave voor een stad met dertien miljoen inwoners.
Overigens kunnen ook klanten een boete krijgen voor het kopen van voedsel op straat. Een portie gado gado of nasi goreng kan 180 dagen in de gevangenis of een boete van bijna vierduizend euro opleveren. "Wet of geen wet ik blijf gewoon eten kopen op straat", vertelt secretaresse Irene Astuti. "Het is makkelijk en goedkoop, ik begrijp niet waarom de overheid zo'n wet bedenkt." Wardah Hafidz van het Stadsarmen Consortium, vindt de regels belachelijk. "De armen in deze stad hebben goede gezondheidszorg en scholing nodig, daar moet de stad zijn geld aan uitgeven." Volgens Hafidz wonen er meer dan drie miljoen armen in Jakarta. Gezinnen moeten gemiddeld rondkomen van elf euro per maand. "Ze worden uit hun huizen langs de waterkant gezet, moeten op gas koken en het wordt hen verboden geld te verdienen. Zo kunnen nog minder arme kinderen naar school gaan."
Om het bedelen uit te bannen wil de stadsraad ook de gevers gaan beboeten, zij lopen straks de kans op een boete van tussen de tien en tweehonderd euro. Bedelaar Nastri woont onder een brug met haar zoontje van drie en schraapt per dag een euro bij elkaar, genoeg voor een schamele maaltijd.
"Mijn man heeft ons verlaten, bedelen is mijn enige optie om te voorkomen dat mijn kind verhongert." De stadsraad wil twintigduizend beambten inzetten om te zorgen dat niemand de wet overtreedt.













