NAIROBI - Duizenden Guinese meisjes brengen hun jeugd door als dienstmeisjes. Ze worden ontvoerd, weggegeven of verkocht. Als dienstmeisjes wacht hen een 18-urige werkdag, zeven dagen per week, zonder salaris.
Ze worden geslagen en soms ook seksueel misbruikt. Volgens een nieuw rapport van de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) komen er jaarlijks in West-Afrika zo'n 200.000 kinddienstmeisjes bij. Het onderzoek van HRW richt zich vooral op Guinee, een land waar niets tegen deze vorm van slavernij wordt gedaan.Armoede ligt ten grondslag aan de kinderarbeid. Ouders verkopen soms hun kinderen voor een beetje geld en zijn opgelucht ten minste één hongerige mond kwijt te zijn. Anderen geven hun kroost aan een welgesteld familielid.
Mensenhandelaren doen goede zaken in West-Afrika. De kinderhandel is zelfs zo winstgevend dat het na handel in drugs en kleine wapens wordt gezien als de beste manier om snel rijk te worden. Kinderen verdwijnen naar andere Afrikaanse landen maar ook naar de VS en Groot-Brittannië.
Werkgevers van de kinddienstmeisjes zijn veelal vrouwen uit de middenklasse die een telg verlangen van arme familieleden of een kind kopen via handelaren om in het huishouden te helpen.
Juliane Kippenberg van HRW: "Het is de meest verborgen vorm van kinderarbeid omdat het nauwelijks zichtbaar is voor de buitenwereld."














