De VVD heeft de affaire rond Ayaan Hirsi Magan - beter bekend onder de verzonnen naam Ali - onderschat. Dat het prominente Kamerlid jaren geleden loog tijdens de asielprocedure was oud nieuws, maar dat maakt de kritiek niet minder legitiem. Kan een partij die staat voor een hard asielbeleid een sjoemelende ex-asielzoeker als parlementslid hebben?
De VVD domineert al weken de media, stijgt in de peilingen en barst van het zelfvertrouwen. En dan is er opeens het Vara-programma Zembla dat met een uitzending komt over Hirsi Ali. Het prominente VVD-Kamerlid verzon tijdens haar asielaanvraag in 1992 een deel van haar vluchtverhaal, haar naam en geboortedatum.
De top van partij besprak de affaire donderdagavond in het zogenoemde bewindsliedenoverleg. De verwachting was dat de zaak met een sisser zou aflopen. Zembla had immers weinig nieuws gebracht. Ayaan zei zelf in 2002 openlijk dat ze had gelogen. Ook in latere interviews deed ze daar nooit geheimzinnig over. Er is geen nieuws en dus is er niets aan de hand, dacht de VVD-top. Die strategie is mislukt. Er is wel degelijk iets aan de hand. De gevestigde politieke partijen weigerden weliswaar veel woorden vuil te maken aan de zaak, maar het onafhankelijke Kamerlid Hilbrand Nawijn - destijds nota bene directeur van de Immigratie- en Naturalisatiedienst - trok onmiddellijk aan de bel. Of minister Verdonk wel wist dat liegen een reden is om een naturalisatie ongedaan te maken? Daarna grepen asieladvocaten hun kans.
VVD-minister Verdonk drukt blijkbaar een oogje dicht als het om partijgenoten gaat, terwijl hun cliënten keihard worden aangepakt. Conclusie: rechtsongelijkheid.
Verdonk zelf zat duidelijk met de affaire in haar maag toen ze vrijdagmiddag de ministerraad verliet. In eerste instantie probeerde ze zich aan de VVD-afspraken te houden door te zeggen dat ’we het hebben over iets wat in 1992 speelde’. Later moest ze daar op terugkomen. Er komt toch een onderzoek naar de leugens van Hirsi Ali. De VVD wordt daarbij geconfronteerd met cruciale vragen.
Taïda Pasic
Hoe kan een partij die staat voor een hard asiel- en immigratiebeleid een Kamerlid hebben dat zelf heeft gesjoemeld? Hoe kan een minister die naam heeft gemaakt als ’IJzeren Rita’ een dergelijke partijgenoot de hand boven het hoofd houden? En als de Kosovaarse scholiere Taïda Pasic ’een fraudeur’ was, zoals Verdonk zegt, wat is Ayaan Hirsi Ali dan?
Het zijn legitieme vragen en niemand binnen de VVD heeft er een antwoord op. Hirsi Ali werd in 2002 als een politieke ster en stemmentrekker binnengehaald. De partijtop zag in haar leugens ’geen enkele belemmering’, zoals vice-premier Gerrit Zalm, de toenmalige partijleider, het vrijdag formuleerde. Ze was goed geïntegreerd, zei Zalm ook nog, maar datzelfde gold voor Taïda Pasic.
De VVD en Verdonk kunnen Hirsi Ali nu moeilijk hard gaan aanpakken. Partij en bewindsvrouw wisten van de leugens en deden jarenlang niets. Als ze nu ingrijpen is dat een bevestiging dat ze al die tijd verkeerd hebben gehandeld. Hetzelfde geldt voor de overige partijen in de Tweede Kamer: als ze vroeger niets hebben ondernomen, waarom nu wel? Goed beschouwd lijkt er maar één iemand te zijn die de crisis kan bezweren: Ayaan Hirsi Ali zelf.
De komende dagen zullen de speculaties over een vrijwillig vertrek van het ’beroemdste’ Kamerlid van Nederland ongetwijfeld verder aanzwellen. Ze zal niet de eerste zijn die in het belang van de partij opstapt. GPD















