Sinds de invoering van de nieuwe Wet Werk en Bijstand in 2004 krijgen gemeenten per jaar een budget waaruit de bijstandsuitkeringen dienen te worden bekostigd, het 'I-deel'. Daaraan gekoppeld ontvangen ze reïntegratiegelden, het 'W-deel'. Gemeenten die geld overhouden op het I-deel mogen dat houden en naar believen besteden. Geld dat overblijft op het W-deel mag meegenomen worden naar het volgende jaar, maar blijft bestemd voor reïntegratie. De hoogte van de budgetten is afhankelijk van het totale aantal bijstandsgerechtigden in Nederland.
Daalt dat, dan dalen ook de bedragen voor de gemeenten.Omdat veel gemeenten moeite hadden met de budgetten per jaar, heeft het rijk inmiddels de budgetten vastgelegd voor vier jaar. Daarbij dienen de gemeenten dan wel voor 2012 het aantal bijstandsuitkeringen met 75.000 te hebben verminderd ten opzichte van 2006.
Vorig jaar is het aantal bijstandsuitkeringen met circa 25.000 gedaald.














